De ongelijke stad


Blog

Hoe groot is de ongelijkheid in de stad waarin in woon, hoe erg is dat en wat valt er aan te doen? Na het lezen van The New Urban Crisis van Richard Florida ben ik geneigd te denken dat het wel meevalt. Met ruim 150.000 inwoners is dit een kleine stad en vergeleken met de Randstad zijn de huizen nog betaalbaar. Bovendien staat Nederland volgens Florida net onder de Skandinavische landen als het gaat om landen met de laagste ongelijkheidsindex ter wereld. Dat komt vooral door onze sociale voorzieningen gericht op het voorkomen van desastreuze inkomens- en opleidingsverschillen.

Toch vraag ik me af of we ook hier het risico lopen af te glijden naar meer ongelijkheid. Dat komt niet alleen door de dagelijkse stoet van dak- en thuislozen die meerdere keren per dag door mijn straat komt. En ook niet alleen door de migranten in deze stad die zich met weinig geld moeten zien te redden. Het komt vooral door de zichtbaar grote verschillen tussen de wijken van deze stad. Die verschillen zijn tijdens de gemeentelijke opknapbeurt van de laatste jaren alleen maar groter geworden. Onder de pakkende titel Buiten Gewoon Beter werd daarmee begonnen in de duurste wijken die al veel groen hadden. Tegen de tijd dat onze boomarme buurt aan de beurt was, bleek het geld op en moesten we twee jaar wachten. Uiteindelijk kregen we tijdens de herinrichting van de straat met veel moeite een boom, een rozenstruik en drie plantenbakken die we zelf moeten onderhouden. Over ongelijkheid gesproken. Ironisch genoeg komen we bij gebrek aan maaiveld ook niet in aanmerking voor andere gesubsidieerde groenprojecten. Voor meer groen kunnen we alleen ons eigen dak op.

De tweedeling in deze stad is zichtbaar aan het groen. In het centrum en de aangrenzende volkswijken zijn de vroegere binnentuinen grotendeels volgebouwd. De rijken wonen vooral in de buurt van de parken van de stad. Als je de stad vooruit wilt helpen, moet je zorgen voor meer groen in de rest van de stad. Maar zo denkt de nieuwe wethouder van Milieu niet. Hij offert liever de hellingen met volkstuintjes op. Een groen-rechtse wethouder wist dat in het verleden nog te voorkomen, maar de nieuwe wethouder  weet daar kennelijk niets van. Met zijn plannen doet hij ongetwijfeld de rijken een groot plezier. Die kijken nu ’s avonds en in het weekend uit op de ijverige ploeteraars met hun postzegelstukjes grond. En op hun biologische aardappels, vergeten groenten, wijnranken voor de dolma’s, kleurige dahlia’s en vlinderstruiken. Nee, dan liever jaloersmakende nieuwe villa’s waar ze in de toekomst bij gelijkgestemden in de tuin kunnen gaan borrelen.

Misschien laat de wethouder de volkstuintjes met rust als er teveel protesten komen. Dikke kans dat hij dan uitwijkt naar de laatste idyllische weilandjes aan de rand van de stad waar je binnen een kwartier lopen vanuit het centrum bent. De groenste stukken van de stad volbouwen in plaats van de stenigste stukken vergroenen; dat vind ik nou echt een bijdrage aan de ongelijkheid in de stad.