Vrouw van de straat


Blog

Waar ze was tijdens de hevige sneeuwbuien van de afgelopen dagen? Heeft ze zich verstopt in de kale bosjes, in het park waar ze haar vaste bankje heeft, in een garagebox? Of is ze ergens naar binnen geslopen in de nachten dat ze niet naar de daklozenopvang ging? Ze heeft een oog voor leegstaande panden en openstaande deuren. Wie haar aanspreekt krijgt een snauw, zelfs als iemand haar een compliment geeft omdat ze troep op straat opruimt. Ze heeft de forse gezichtsbeharing die vrouwen van middelbare leeftijd meestal angstvallig wegwerken. Haar uiterlijk wekt zichtbaar verwarring bij mensen die haar tegenkomen en nog niet ‘kennen’.

Vorige week zag ik haar in een absurde dialoog met de waakhond van de overburen die vanachter het raam tegen haar begon te blaffen omdat ze niet snel genoeg doorliep. Ze schudde haar vinger gebiedend naar hem. Toen de eigenaar van de hond haar wegjoeg, hoorde ik haar zeggen: “Hij begon!”. Ze wankelde verder door de straat, blikje bier in haar hand, wartaal uitslaand, maar met een ‘nieuw’ dik winterjack aan, alsof ze op skivakantie gaat. Op naar de daklozenopvang.

Eergistermiddag scheen eindelijk de zon weer eens door de wolken heen en stonden we op het punt om een wandeling te maken toen er ineens drie politiewagens aan kwamen scheuren en de kruising aan het einde van de straat afzetten. Even later kwam er ook nog een klein formaat brandweerauto met sirene aangereden. Op de hoek zat zij, overeind gehouden door twee vrijwilligsters van de opvang. De brandweer kwam voor reanimatie, begreep ik later uit de informatie van de alarmeringensite.  De ambulance was vervolgens ook nog in actie gekomen. Sindsdien verwachtte ik bericht dat ze is overleden. Maar toen gisteravond  de wachtrij voor het avondeten van de opvang weer hoorbaar aan het groeien was, keek ik uit het raam en zag haar er heen waggelen. In eerste instantie was ik opgelucht: ze leeft nog, de vrouw van de straat. Maar in tweede instantie denk ik: hoelang houdt ze dit nog vol?