Wonen naast een kerk


Blog

Behalve als je in de Bible Belt woont, kan het je vroeg of laat overkomen: de kerk in je nabije omgeving wordt verkocht. Grote vraag is natuurlijk wat er dan in komt: een skatepark, speelhal, nachtclub of … een bazaar annex hotel-restaurant. Dat laatste dreigt nu in mijn straat te gebeuren. De vraag is hoe ik me daartoe moet verhouden.  

Zolang een kerk in gebruik is als kerk zijn er weinig bezwaren om er naast te wonen. Je weet al snel wat het ritme van activiteiten is, hoe vaak en wanneer de klok wordt geluid en wat de drukste momenten zijn. De koster is aanspreekbaar op alle praktische zaken en voor andere beslissingen moet je bij het kerkbestuur zijn.

Drukte op straat is er vooral rond begrafenissen; kerkelijke huwelijken heb ik hier in tien jaar zelden meegemaakt. De laatste jaren werd deze kerk steeds vaker voor concerten gebruikt. Geen publiek dat lang op straat bleef rondhangen. Het mooiste vond ik de jaarlijkse Sint Maarten-optocht van de ene naar de andere buurtkerk: al die kleine kinderen met hun lampionnetjes, aarzelend zingend; een echo van mijn jeugd toen we in het donker van huis naar huis liepen om al zingend snoep op te halen. Veel te gevaarlijk in de moderne stad vol coffeeshops, vandaar deze vorm met begeleiding. Ik zal het komend najaar missen.

Wat er voor de kalme activiteit van het kerkgenootschap in de plaats komt, staat formeel nog niet vast. De plannen voor een hotel-restaurant die bij de gemeente zijn ingediend, stuiten op bezwaren in de buurt. De initiatiefnemer wil van de monumentale voorgevel van de kerk de goedereningang maken. De nieuwe entree komt dan aan de achterkant, via een smal, anoniem poortje en gangetje aan een drukke doorgaande straat. Onbegrijpelijk. Het argument voor deze keuze is dat de ligging van die nieuwe entree goed is voor de straat aan de achterkant en bovendien rustig voor de buren aan de voorkant. Alsof de komst van vrachtwagens door de smalle straat om te laden en lossen beter voor ons is dan mensen die ergens iets gaan eten en drinken. Bizar. Een ander woord kan ik er niet voor bedenken.

Ondertussen haalt de gemeente allerlei uitzonderingsregels uit de kast om voor de verandering van de kerk in horecagelegenheid de wijziging van het bestemmingsplan te legitimeren. Die bestemming is namelijk erg in strijd met het geldende bestemmingsplan waarin met de buurt met het oog op de leefbaarheid een maximum aantal horecavergunningen is afgesproken. De overschrijding van dat maximum wordt verdedigd met het bovenwijkse karakter van de nieuwe horeca; alsof we daar ineens geen overlast van hebben te vrezen. Wat voor zin heeft het dan nog om mee te denken en te praten over de leefbaarheid van de buurt en daar zelf verantwoordelijkheid voor te nemen, zoals de gemeente zo graag wil? Misschien gokt de gemeente erop dat er weinig advocaten in deze buurt wonen, maar dat weerhoudt ons er niet van juridische procedures te starten.